In het kort:
In de Nederlandse natuur groeien meer eetbare wilde planten dan je zou denken: van brandnetel en daslook tot bramen en bosbessen. Wildplukken is officieel verboden, maar wordt gedoogd zolang je een klein beetje voor eigen gebruik plukt en de natuur met rust laat. De belangrijkste regel: pluk nooit iets wat je niet met zekerheid herkent, want een paar eetbare planten lijken sprekend op giftige soorten.
Wanneer vind je welke plant?
Wil je weten wat er nu te halen valt? Deze tabel geeft per plant het beste seizoen en waar je het voor gebruikt.
Wildpluk-seizoenstool
Eetbare wilde planten per maand
Kies een maand en zie welke eetbare wilde planten je dan in de Nederlandse natuur vindt. Pluk alleen wat je met zekerheid herkent en nooit meer dan een klein beetje voor eigen gebruik.
Maand
Categorie
26 eetbare wilde planten in Nederland
Beuk
Bessen & notenBeukennootjes, zoet en direct eetbaar. Ook te malen tot meel.
Alleen de gewone beuk draagt nootjes, de haagbeuk niet.
Blauwe bosbes
Bessen & notenDe rijpe blauwe bessen, zo van de struik.
Noord en midden van het land, op zonnige plekken. Let op wespen en bijen.
Bosaardbei
Bessen & notenKleine, zoete rode aardbeitjes, zo van de plant te eten.
Bosranden en open plekken. Veel kleiner dan tuinaardbeien, maar geuriger.
Braam
Bessen & notenRijpe, donkerpaarse tot zwarte bessen. Direct eten of jam van maken.
Verwilderde struiken tot drie meter hoog. Pas op de stekels, was de bessen goed.
Brandnetel
Blad & stengelJonge scheuten van 15 tot 20 cm. In soep of als thee.
Bos, bermen en parken. Pas op voor de brandende haren bij het plukken.
Eerst koken of drogenDaslook
Blad & stengelBladeren en bloemen als mildere vervanger van knoflook, in salade, soep of pesto.
Vochtige loofbossen, meestal in grote groepen.
Dovenetel
Blad & stengelBloem uitzuigen voor de zoete nectar, jonge blaadjes in salade of soep.
Schaduwrijke, vochtige plekken. Lijkt op brandnetel maar met witte bloemen.
Duizendblad
Blad & stengelJonge bladeren en bloemen, kruidig, voor thee of als smaakmaker.
Bermen en droge weilanden. Sterke smaak, gebruik met mate.
Met mateEikel
Bessen & notenGemalen tot meel nadat je het looizuur eruit hebt gespoeld.
Onder eiken. Rauw bitter en zwaar verteerbaar.
Eerst spoelen of kokenGrote lisdodde
Blad & stengelWitte binnenkant van jonge scheuten rauw, jonge knoppen smaken naar asperge.
Aan de waterkant. De pluis is ook prima aanmaakmateriaal voor vuur.
Hazelnoot
Bessen & notenRijpe noten, rauw te eten of geroosterd.
Bosranden en hagen. Wees op tijd, eekhoorns zijn je vaak voor.
Hondsdraf
Blad & stengelBlad en bloem, rauw of gekookt. Sterke smaak, dus gebruik weinig.
Donkere, vochtige plekken als bodembedekker. Paarse bloem, ronde blaadjes.
Kleefkruid
Blad & stengelJonge bladeren in soep of salade, of trek er thee van.
Voorjaar is het beste moment, later wordt de plant stug.
Look-zonder-look
Blad & stengelJonge bladeren met lichte knoflooksmaak in salade, soep of pesto.
Bosranden en hagen. Hartvormig blad dat naar knoflook ruikt als je het kneust.
Madeliefje
BloemenBloemknop in het zuur als kappertjesvervanger, open bloem (wat bitter) in salade.
Gazons en bermen, vooral in de zomer en het late voorjaar.
Paardenbloem
Blad & stengelBlad rauw, wortel gedroogd als koffie, bloem voor jam of thee.
Bermen, weilanden en tuinen. Bijna het hele jaar te vinden.
Pinksterbloem
BloemenBloemen en blad met een peperige kerssmaak, vers door de salade.
Vochtige weilanden en slootkanten in het voorjaar. Lichtpaarse bloem.
Rozenbottel
Bessen & notenRode bottels vol vitamine C voor thee, jam of siroop.
Hagen en bosranden. Verwijder de jeukende haartjes en pitjes aan de binnenkant.
Binnenkant verwijderenSleedoorn
Bessen & notenBlauwe pruimpjes voor jam of likeur, het lekkerst na de eerste nachtvorst.
Doornige struiken in hagen. Rauw erg wrang, dus verwerk ze.
Eerst kokenVeldzuring
Blad & stengelJonge bladeren met een frisse, zure smaak door salade of soep.
Weilanden en bermen. Bevat oxaalzuur, dus gebruik met mate.
Met mateVlierbes
Bessen & notenBlauwzwarte trosjes voor sap, siroop of jam.
Dezelfde struik als de vlierbloesem, nu vol rijpe bessen.
Eerst kokenVlierbloesem
BloemenWitte bloesemschermen voor siroop, limonade of beignets.
Bosranden, hagen en bermen. Pluk op een droge, zonnige dag.
Vogelmuur
Blad & stengelStengels, bladeren en bloemen. Jonge planten zijn rijk aan vitamine C.
Overal, ook spontaan in de tuin. Kies de jonge exemplaren, oude zijn taai.
Weegbree
Blad & stengelJong blad rauw in salade of soep, of als thee. Oud blad is taai.
Vaak vlak bij brandnetel. Het blad verzacht ook de pijn van brandnetelprikken.
Witte en rode klaver
BloemenBloemen en bladeren in salade, of wokken en koken met andere groenten.
Bossen, weilanden en parken. Bevat calcium en magnesium.
Zevenblad
Blad & stengelBladeren met peterseliesmaak in salade, over curry of door gerechten.
Natuur en tuin, waar het als onkruid geldt. Veel vitamine C, kalium en calcium.
OutdoorOnly · Wandelen om te beleven
| Plant | Beste plukperiode | Wat je gebruikt |
|---|---|---|
| Vogelmuur | Hele jaar | Stengels, bladeren, bloemen |
| Daslook | Maart tot juni | Bladeren, bloemen |
| Hondsdraf | Maart tot juni | Blad, bloem |
| Dovenetel | Maart tot augustus | Bloem, jonge blaadjes |
| Paardenbloem | Februari tot november | Blad, wortel, bloem |
| Kleefkruid | Voorjaar | Jonge bladeren |
| Weegbree | Mei tot juni | Jonge bladeren |
| Madeliefje | Laat voorjaar, zomer | Bloem, knop |
| Zevenblad | Mei tot augustus | Bladeren |
| Witte en rode klaver | Mei tot oktober | Bloemen, bladeren |
| Brandnetel | Hele jaar behalve winter | Jonge scheuten |
| Grote lisdodde | April tot november | Jonge scheuten, knoppen |
| Blauwe bosbes | Juli tot oktober | Bessen |
| Braam | Augustus tot oktober | Bessen |
| Beuk | Oktober tot december | Nootjes |
Wat is wildplukken?
Wildplukken is precies wat de naam zegt: wilde planten en paddenstoelen in de vrije natuur plukken. Het is verbazend wat er langs een gewoon wandelpad groeit aan eetbare en geneeskrachtige planten. En weinig is zo leuk als onderweg iets lekkers tegenkomen dat je zo van de plant kunt eten.
Mag je wildplukken in Nederland?
Officieel niet. Net als wildkamperen valt wildplukken in Nederland onder verboden activiteiten, het wordt zelfs als stropen gezien. In de praktijk wordt het bijna altijd door de vingers gezien, mits je je aan een paar regels houdt.
De Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging (KNNV) heeft gedragsregels voor wildplukken, en die komen allemaal op hetzelfde neer: heb respect voor de natuur en neem niet meer dan je nodig hebt. Voor een groot deel is het gewoon gezond verstand. Dit zijn de regels waar ik me zelf aan houd:
- Pluk niet in beschermde natuurgebieden. Die zijn niet voor niets beschermd. Vaak mag je er ook de paden niet af, omdat je beschermde planten zou beschadigen.
- Pluk alleen een klein beetje voor eigen gebruik. Laat genoeg staan zodat de soort blijft bestaan en de dieren die ervan afhankelijk zijn ook hun deel hebben.
- Verstoor de omgeving niet. Breek geen takken af, maak er geen bende van. Pluk wat je makkelijk kunt pakken en laat de rest hangen.
- Weet wat je plukt. Pluk nooit willekeurig en nooit voor de lol, maar met een reden.
- Pluk nooit uit andermans tuin. Ook de nette perkjes van de gemeente laat je staan. Pluk alleen op allemansland.
Pro Tip: Pluk met een doel, niet zomaar. Ik pluk bijvoorbeeld elk jaar vlierbloesem om siroop te maken, maar nooit meer dan ik nodig heb voor één pan. Zo houd je het klein en blijft er genoeg voor de natuur over.
Eerst dit: herken je plant met zekerheid
Dit is geen overbodige waarschuwing. De meeste planten hieronder zijn onschuldig, maar een paar eetbare soorten lijken op giftige planten. Daslook is het bekendste voorbeeld: de bladeren lijken op die van lelietje-van-dalen en herfsttijloos, en die zijn allebei giftig. Twijfel je? Pluk dan niet. Wrijf bij daslook een blaadje fijn: ruikt het duidelijk naar knoflook, dan zit je goed. De giftige lookalikes doen dat niet.
Voor alle planten geldt: pluk alleen wat je honderd procent zeker herkent, en eet nooit iets op de gok.
De eetbare wilde planten
Brandnetel

Aan de brandnetel ontkom je tijdens een wandeling bijna niet. Je vindt hem in het bos, langs de weg en zelfs in een stadspark. Rauw kun je hem niet eten: kook de plant eerst of laat hem goed drogen. En pas op bij het plukken, want strijk je tegen de haren in, dan krijg je een jeukende, branderige pijn.
Je kunt de brandnetel het hele jaar door plukken, behalve in de winter. Kies de jonge scheuten van zo’n 15 tot 20 centimeter. Gebruik ze in een soep of maak er thee van.
Tip: Heb je je toch gebrand? De kans is groot dat er weegbree in de buurt staat. Wrijf het blad over je huid om de pijn te verzachten. zie ook ons artikel brandneteljeuk bestrijden voor nog meer tips.
Daslook

Daslook kom je in het voorjaar tegen en bloeit van maart tot juni, met een opvallende witte bloem. De plant heet ook wel borstlook of uienbloem, naar de bol waaruit hij groeit. Je vindt hem vooral in vochtige loofbossen, meestal in grote groepen tegelijk.
Je gebruikt daslook als vervanger van knoflook, met een wat mildere smaak. De bladeren snijd je fijn voor in een salade of soep, en ook voor pesto is daslook geschikt. Lees wel eerst de waarschuwing hierboven over de giftige lookalikes.
Paardenbloem

De paardenbloem is om allerlei redenen populair: hij trekt insecten aan, konijnen zijn er dol op en hij zou een geneeskrachtige werking hebben. Kinderen kennen vooral de zaadbol die overblijft als de gele bloem is uitgebloeid. Je komt hem bijna het hele jaar tegen, van februari tot november.
Meestal eet je het blad rauw. De wortels kun je drogen en er koffie van maken, en de bloem wordt in sommige landen verwerkt tot jam of thee. Een veelzijdige plant dus.
Kleefkruid

Kleefkruid is door zijn plakkerige bolletjes niet de populairste plant, ze blijven lang in je kleding hangen. Toch is hij de moeite waard. Van kleefkruid wordt gezegd dat het een helende werking heeft, en je kunt er thee van trekken.
De bladeren gebruik je ook in een soep of salade. Doe dat het liefst in het voorjaar, want later in het jaar wordt de plant stugger en zijn de bladeren lastiger te verwerken.
Weegbree

Vind je een brandnetel, dan staat de weegbree vaak een stukje verderop. Niet toevallig: het blad wordt al lang gebruikt om de pijn van een brandnetel te verzachten. Wrijf het over de geïrriteerde huid.
Het blad kun je ook rauw eten, kies dan een jong blad, want oudere bladeren zijn taai. Gebruik weegbree in een salade of door de soep, of trek er thee van. Je komt hem vooral in mei en juni tegen.
Hondsdraf

Hondsdraf herken je aan zijn mooie paarse bloem. Het is een bodembedekker die je vooral op donkere, vochtige plekken vindt. Naast de bloem heeft de plant kleine ronde blaadjes met een golvende rand.
Zowel het blad als de bloem is eetbaar. Vroeger werd hondsdraf gebruikt bij het brouwen van bier. De smaak is sterk, dus je hebt er weinig van nodig. Je kunt de plant rauw eten of eerst koken. Hondsdraf vind je van maart tot juni.
Zevenblad

Zevenblad groeit in de natuur, maar ook in veel tuinen, waar het als onkruid geldt. Zonde, want de smaak lijkt op die van peterselie en dat maakt de plant breed inzetbaar: in een salade, over een curry of bij allerlei andere gerechten.
De plant bevat veel vitamine C en daarnaast kalium, calcium en magnesium. Gedroogde bladeren smaken naar peterselie, vers gebruikt smaken ze er ook naar. In de natuur vind je zevenblad van mei tot augustus.
Dovenetel

De dovenetel bloeit een groot deel van het voorjaar en de zomer, van maart tot ongeveer augustus. De plant lijkt op een brandnetel, maar valt op door de witte bloemen. Er bestaat ook een variant met paarse bloemen. Je vindt de dovenetel vooral op schaduwrijke, vochtige plekken.
De bloem haal je los van de plant en zuig je uit: je proeft de zoete nectar. De jonge blaadjes gebruik je in een salade of soep, rauw of gekookt. Gedroogd kun je er thee van zetten.
Vogelmuur

Vogelmuur is een van de gezondste eetbare wilde planten, vooral de jonge planten zitten vol vitamine C. Bovendien vind je hem het hele jaar door. Je gebruikt de stengels, de bladeren en de bloemen. Oudere planten zijn vaak wat taai, dus kies de jongere exemplaren voor in je salade.
Ook in de tuin duikt vogelmuur regelmatig op, waar hij als onkruid wordt gezien. Jammer, want in bloei krijgt hij een leuk klein wit bloemetje.
Witte en rode klaver

Klaver komt in twee vormen voor: witte klaver met groene blaadjes en rode klaver met een paarse of roze tint. Je vindt deze plant bijna overal, in bossen, weilanden en parken. Zowel de bloemen als de bladeren zijn eetbaar.
Gebruik klaver in een salade, of wok of kook hem samen met andere groenten. De plant bevat verschillende vitamines, plus calcium en magnesium. Witte en rode klaver staan van mei tot oktober in bloei.
Madeliefje

Aan eten denk je bij een madeliefje niet meteen, maar het kan. Je vindt de plant vooral in de zomer en al in het late voorjaar. De bloem is eetbaar: zit hij nog in de knop, dan kun je hem in het zuur leggen en als vervanger van kappertjes gebruiken. Ook de open bloem is eetbaar, al smaakt die wat bitter.
Om die bittere smaak te verzachten worden madeliefjes vaak door salades en curry’s gemengd. Ze bevatten verschillende gezonde vitamines en bouwstoffen.
Grote lisdodde

De grote lisdodde ken je waarschijnlijk van de bruine pluim in het midden van de plant. Maar het is ook een eetbare wilde plant: de witte binnenkant van de jonge scheuten kun je rauw eten, en de jonge knoppen smaken een beetje als asperge. Je vindt de plant aan de waterkant, van april tot november.
De lisdodde komt daarnaast van pas bij het maken van vuur. De pluis uit een rijpe pluim is uitstekend aanmaakmateriaal.
Blauwe bosbes

De blauwe bosbes ken je uit de supermarkt, maar hij groeit ook gewoon in de natuur, vooral in het noorden en midden van Europa. De struik staat het liefst in de zon, maar groeit ook in de halfschaduw, en valt op door de kenmerkende blauwe bessen.
Je plukt en eet de bosbes van juli tot oktober. Let op: wespen en bijen zijn dol op de bessen, dus het kan er rond de struik druk zijn.
Braam

De braam groeit aan een struik die snel verwildert en wel drie meter hoog kan worden als hij niet gesnoeid wordt. De bessen zijn pas rijp als ze donkerpaars tot zwart zijn, en dan kun je ze direct eten of er jam van maken. In de periode ervoor heeft de struik een mooie witte bloem.
Pas bij het plukken op voor de stekels. En was de bramen onderaan de struik goed, want daar kan een hond of ander dier al langs zijn geweest. Je plukt bramen van augustus tot oktober.
Beuk

Beukennootjes ken je vast. De beuk doet het overal goed en komt veel voor in Europa. Let op het verschil met de haagbeuk: alleen de gewone beuk draagt beukennootjes. De nootjes zijn zoet en eetbaar, en je hoeft ze niet te bewerken.
Je eet beukennootjes van oktober tot december. Het uit de huls peuteren is een priegelklus, maar het loont. Je kunt de nootjes ook fijnstampen tot meel.
Mag je wildplukken in Nederland?
Officieel niet. Wildplukken valt in Nederland onder verboden activiteiten en wordt zelfs als stropen gezien. In de praktijk wordt het bijna altijd gedoogd, mits je je aan een paar regels houdt: pluk niet in beschermde natuurgebieden, pluk alleen een klein beetje voor eigen gebruik, verstoor de omgeving niet, weet wat je plukt en pluk nooit uit andermans tuin.
Wat is wildplukken?
Wildplukken is het plukken van wilde planten en paddenstoelen in de vrije natuur. Langs een gewoon wandelpad groeien vaak meer eetbare en geneeskrachtige planten dan je zou denken, van brandnetel en daslook tot bramen en bosbessen.
Is daslook giftig?
Daslook zelf is eetbaar, maar de bladeren lijken op die van het giftige lelietje-van-dalen en herfsttijloos. Twijfel je, pluk dan niet. Wrijf een blaadje fijn: ruikt het duidelijk naar knoflook, dan zit je goed. De giftige lookalikes ruiken niet naar knoflook.
Wanneer kun je brandnetels plukken en eten?
Brandnetels pluk je het hele jaar door, behalve in de winter. Kies de jonge scheuten van zo’n 15 tot 20 centimeter. Rauw kun je de plant niet eten: kook hem eerst of laat hem goed drogen. Gebruik de brandnetel daarna in een soep of maak er thee van.
Welke wilde planten kun je bijna het hele jaar door plukken?
Vogelmuur vind je het hele jaar door en is vooral als jonge plant rijk aan vitamine C. De paardenbloem kom je tegen van februari tot november en lever blad, wortel en bloem. Ook de brandnetel pluk je het hele jaar behalve in de winter.
Welke regels gelden er voor verantwoord wildplukken?
De KNNV-gedragsregels komen op hetzelfde neer: heb respect voor de natuur en neem niet meer dan je nodig hebt. Pluk niet in beschermde natuurgebieden, neem alleen een klein beetje voor eigen gebruik zodat de soort blijft bestaan, verstoor de omgeving niet, pluk alleen wat je met zekerheid herkent en pluk nooit uit andermans tuin.
Beginnen met wildplukken
Wil je wat meer met de natuur bezig zijn, dan is wildplukken een leuke manier om te beginnen. Onderweg door het bos of langs boerenland eet je, in het juiste seizoen, een handje verse planten van de berm. Begin met de soorten die je makkelijk en zeker herkent, zoals brandnetel, paardenbloem of braam, en breid van daaruit uit.
Pak je mand, trek je wandelschoenen aan en kijk eens goed naar wat er langs het pad groeit. Welke van deze planten heb jij al eens geproefd?
Wil je meer tips over eetbare planten en andere outdoor-inspiratie? Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ga mee de natuur in.